GIS in de les: zo kan het!

Vulkanen en aardbevingen
Een rondje in de buurt
Op vakantie
Lesaanleidingen

Dit stuk is een uitdaging. Een uitdaging voor mij als schrijver en een uitdaging voor u als lezer. Het is mijn bedoeling om met een aantal voorbeelden de mogelijkheden met GIS in de klas te laten zien. Het gaat hierbij niet om een gedetailleerde beschrijving met alle technische details. Mijn uitdaging is het beschrijven van de juiste voorbeelden op een aansprekende manier. Ik heb voorbeelden genomen waarvan ik denk dat ze "zo de klas in kunnen". U als lezer zult het hiermee moeten doen en "tussen de oogharen door" en met veel fantasie de verdere mogelijkheden kunnen verkennen. Laat u niet remmen. De techniek kan veel, de beperking zit hem vooral in het (niet) ontdekken van de mogelijkheden. In andere onderdelen van deze site komt u meer te weten over de achtergronden van GIS, mogelijkheden en beperkingen in de klas. Misschien leest u dit stuk daarna nog een keer?

De voorbeelden lijken willekeurig gekozen. Wat de onderwerpen betreft klopt dit ook wel. Maar in technische zin verschillen de 3 opdrachten fundamenteel. Ik kom hier op terug in het stuk over mogelijkheden in de klas. De les over vulkanisme en aardbevingen is gemaakt met een simpele "viewer" (Hier ArcExplorer). De gegevens zijn vrij verkrijgbaar. De les over het rondje in de buurt is gemaakt met een "echt" GIS-pakket (in dit geval ArcView) , de gegevens hiervoor heb ik in bruikleen gekregen van de gemeente Nijmegen. Het derde voorbeeld, over de vakantie, is gemaakt met behulp van operationele websites die vrij op internet toegankelijk zijn. Hiervoor is dus geen inspanning op het gebied van gegevens vereist.
Naar boven

Vulkanen en Aardbevingen
In groep 7 komt het onderwerp vulkanisme vaak aan bod. In deze les wordt dit gegeven gecombineerd met een project over Indonesië. Het eilandenrijk staat bol van de vulkanen en aardbevingen. Beide komen samen in een projectmiddag met een circuitopzet. Een van de stations in het circuit bevat een oefening met GIS. Deze oefening is een voorbeeld van zelfontdekkend leren. Via een gestructureerde zoektocht kunnen de kinderen stap voor stap zelf patronen ontdekken en hun conclusies trekken. Het is dus een inhoudelijke les waarin kinderen weliswaar kennis maken met GIS-technieken, maar deze puur ter ondersteuning van hun zoektocht gebruiken.

Ik werk dit lesdeel hier uit. Het kopieerblad bij deze oefening kunt u hier in Word formaat downloaden. Mijn ervaringen met deze les komen aan bod in het stuk over ervaringen.

Lesdoel

Indonesië is een goed land om als aanleiding te gebruiken. Het eilandenrijk staat bol van de vulkanen en aardbevingen.

Stap 1. De eerste stap is het in beeld brengen van de vulkanen in Indonesië. Hierbij valt op dat de vulkanen zich over het algemeen op een lijn bevinden.

Stap 2. GIS werkt met lagen. Op elke laag kan een thema een plaats krijgen. In stap 2 kan de laag met aardbevingen worden aangezet (zichtbaar gemaakt). Wonderbaarlijk: ook deze liggen merendeels in dezelfde gebieden.

Stap 3. We zoomen uit naar wereldschaal. Op wereldschaal zijn de patronen ook goed zichtbaar. Tijdens het zoomen verandert de inhoud van de kaart, deze is schaalafhankelijk gemaakt. De landen zijn niet meer afzonderlijk gekleurd. Aan dit fenomeen wordt geen extra aandacht besteed. Voor de oplettende leerlingen zou het aanleiding kunnen zijn om zich af te vragen waarom de kleuren weg zijn en of dat voordelig is.

Stap 4. De opdracht in stap 4 is het vinden van Nederland en daarnaar inzoomen. Dit oefent het kaartbeeld op wereldschaal. Bovendien kunnen we dan vaststellen dat in Nederland vulkanisch gezien niet veel aan de hand is. Voor de goede opletters is hier weer wat te ontdekken. De projectie van Nederland is niet zoals die normaal is. Nederland is iets scheef getrokken. Dat heeft te maken met de schaal waarvoor deze kaart eigenlijk bedoeld is en de projectie die daarom is gekozen.

 

Stap 5. In stap 5 komen we het fenomeen "aardschollen" tegen. Deze laag in de kaart wordt nu aangezet en nu is het toch wel heel erg duidelijk: die dingen hebben wat met aardbevingen en vulkanisme te maken!

De rest van de les moet op deze ontdekking voortbouwen om het begrip uit te bouwen.
Naar boven

Een rondje in de buurt
De eigen omgeving is de omgeving die het meest geschikt is om met geografische informatie te leren werken. Je kent er de weg en de vertaalslag van realiteit naar kaart is heel concreet. Waar is de school? Waar woon ik? Om de aandacht te richten en de onderzoeksvaardigheden te vergroten krijgen de leerlingen de opdracht op zoek te gaan naar bijvoorbeeld de beste plek voor een nieuwe speeltuin of de gevaarlijkste plek in het verkeer. De meeste kinderen hebben hierover als ervaringsdeskundigen al wel een mening. Verandert deze door met de kaarten te werken? Deze les heb ik deels zelf uitgevoerd. Mijn ervaring staat in paragraaf 6.4.

Lesdoel

Stap 1. Stap 1 is een inventarisatie van de eigen leefomgeving tijdens een klassengesprek. De bedoeling is het vinden van enkele thema's om mee aan de gang te gaan. Zijn er gevaarlijk punten? Moeten er speeltuintjes bij? Zijn er plekken waar altijd zwerfvuil ligt? Afhankelijk van de werkwijze worden een of meerdere thema's gekozen. In deze stap wordt een beroep gedaan op het mentale kaartbeeld.

Stap 2. In de tweede stap gaat de klas met behulp van een GIS kijken of ze een inventarisatie vooraf kunnen maken. De GIS omgeving bevat kaarten die bedoeld zijn voor verschillende schaal en luchtfoto's. De omgeving is zo ingericht dat de kaarten getoond worden op het moment dat de schaal past bij die kaart (schaalafhankelijkheid). De luchtfoto kan aan en uit worden gezet.

Belangrijke punten bij deze stap zijn de schaalafhankelijkheid (kaarten verschijnen en verdwijnen als je inzoomt en uitzoomt (je zou kunnen inzoomen van de hele wereld tot op het putje voor de deur), het verschil in inhoud tussen de kaarten (de kaarten op grote schaal laten veel meer zien dan de kleinschalige kaarten) en de samenhang met de luchtfoto.

Het mentale kaartbeeld en de digitale kaart worden gecombineerd. Het is belangrijk in deze stap veel te communiceren. Klopt dat wat ik op de kaart en luchtfoto zie met mijn voorstelling? Het is een goed uitgangspunt om uit te leggen hoe moderne kaarten kunnen worden gemaakt. Als voorbeelden staan hier afgebeeld: sattelietopname van de hele wereld, sattelietopname van Nijmegen, stadsplattegrond, overzichtskaart wegen en wijken, grootschalige basiskaart en grootschalige basiskaart gecombineerd met luchtfoto.

 

Stap 3. De derde stap bestaat uit het maken van een of meerdere routes om de aangewezen plekken te gaan inventariseren en/of fotograferen. Ook dit plannen kan met behulp van de GIS-kaart gebeuren. Welke schaal past het best? De route kan op de kaart worden ingetekend (digitaal of op papier). Het voorbeeld hiernaast is gebaseerd op de grootschalige basiskaart.

Stap 4. De kinderen gaan naar buiten en gaan met behulp van hun zelfgemaakte route op zoek naar de door hen aangewezen plekken. Ter plekke wordt een digitale foto gemaakt en/of een inventarisatie in woorden (kleine tekst) van de mogelijkheden.

Stap 5. Stap 5 is het verwerken van de resultaten in een GIS kaart die aanklikbaar is. Na het klikken op een bepaalde plek, een bolletje in de kaart komt de betreffende foto of beschrijving tevoorschijn.

Het eindresultaat kan worden gebruikt voor presentaties naar andere groepen, naar de verkeerscommissie van de buurtvereniging, een gemeenteraadslid .....! Dit werkt zeer motiverend.
Naar boven

Op vakantie
De vakantie staat voor de deur. Een aantal kinderen zal met de auto naar het buitenland vertrekken. Misschien zijn er kinderen die met vliegtuig, bus of trein hetzelfde doen. Met dit thema zijn heel mooie lessen te ontwerpen. Vooral een open ontwerp met veel inbreng van de kinderen past goed bij het thema. In deze les staat het "dagelijks" gebruik van digitale geografische locaties centraal. Deze les kan worden uitgevoerd met standaard software (routeplanners, NS-reisplanner, MS-Encarta) maar beter en leuker is het internet. Vaak zullen er niet eens kaarten aan te pas komen. Toch werken we met geografische informatie. Het kan bijvoorbeeld zo.

Lesdoel

Stap 1. Eerst maken we een inventarisatie van vervoermiddelen en reisbestemmingen in de klas. Daarna maken we een keuze. Deze keuze kan bijvoorbeeld beperkt worden door Europa als grens af te spreken. Of door te zeggen dat je er ook met de auto moet kunnen komen.

Wie meer tijd heeft gaat eens lekker shoppen op vakantie-sites. Een heel goede met veel informatie is:

 http://www.elmar.nl/informatie/landeninfo/europa.asp

Elmar reizen

Stap 2. Met routeplanners kan worden bekeken waar de plaats(en) liggen. Veel vragen kunnen daarna worden beantwoord. Hoe lang is het rijden? Hoeveel kilometer is dat? Hoeveel benzine hebben we nodig? Hoe vaak moeten we eten? Waar zou dat leuk kunnen? Door welke landen rijden we?

En als het gekozen vervoermiddel niet de auto is kan er een vergelijking worden gemaakt. Hoe lang duurt het met de trein/het vliegtuig? De relatieve afstand wordt onderzocht.

vliegtuig

http://www.shellgeostar.com

Shellgeostar

Mooie kaartjes, het is mogelijk de route stap voor stap in kleine kaartjes af te laten beelden. Heel mooie GIS-functie: zoek op de plaats van bestemming een hotel, kampeerterrein, tankstation, restaurant etc. op minder dan....km van het einde van de route. Ook dit wordt in een kaartje getoond.

Bij de uitgebreide planner is het ook mogelijk te kiezen voor de kortste of snelste route, wel of geen tolwegen etc.

Enig nadeel: gesponsord en mede hierdoor ook wat druk voor de ogen.

http://www.anwb.nl

ANWB routeplanner

Eenvoudigere routeplanner die wel werkt. Hij is wat trager en je moet hem vinden via de hoofdsite van de ANWB.

vliegtuig

http://www.ns.nl/internationaal/

NS-internatinaal

Werkt over het algemeen goed. Niet alle steden staan er in, maar je komt een heel eind. Nadeel: geen kaartjes! Op de achtergrond wordt wel een virtuele kaart gebruikt om de berekening te maken. De Duitste Bundesbahn toon wel kaartjes: http://www.bahn.de/.

vliegtuig

http://www.schiphol.nl/

Het lukt wel om een vlucht uit te zoeken, maar het is lastig door alle informatie en reclame heen te kijken. Dit is een goede oefening in informatie zoeken, vooral voor de iets meer getalenteerde leerling! In het kader van adaptief onderwijs liggen in deze opdracht dus zeker mogelijkheden. Ook hier overigens geen kaartje.

Stap 3. In stap 3 kunnen allerlei gegevens over de bestemming worden verzameld. Er zijn nogal wat geografisch gestuurde informatie-sites te vinden. Een hele mooie is de MapMachine van National Geographic. Daar kun je over willekeurige locaties zelf kaarten samenstellen met allerlei onderwerpen. De uitvoering van deze stap hangt af van de wensen van de kinderen en de kennis van de leerkracht. Helaas zijn de beste sites vaak Engelstalig.

http://www.elmar.nl/informatie/landeninfo/europa.asp

http://plasma.nationalgeographic.com/mapmachine

Stap 4. De verwerking van dit alles kan op vele manieren. Een manier is het uitprinten van materiaal (kaarten, grafieken, plaatjes) en dit verwerken in een collage (wandplaat) over één of meerdere bestemmingen. Als de school erg computerminded is, kan zo'n collage ook in de computer worden samengesteld. Een andere manier is het samenstellen van een reisboekje.
Naar boven

Lesaanleidingen op internet
Na enkele echt uitgewerkte voorbeelden hier nog wat interessante sites op internet die aanleiding kunnen zijn voor een les met GIS-ondersteuning.

www.nederlandkiest.nl

Op deze site kan allerlei informatie worden gevonden over de verkiezingen. Deze site is voorzien van een mooie kaartmodule waarmee onder andere de grootste partij per gemeente en de score per gemeente per partij kan worden bekeken. De kaartmodule is te vinden onder het kopje "uitslagen".

http://statline.cbs.nl/StatWeb/

Statline, de web-module van het Centraal bureau voor de statistiek. Deze site bevat ook een kaartenmodule. Het is even zoeken hoe het werkt, maar dan zijn er ook veel mogelijkheden. Je kunt hier zelf kaarten samenstellen op basis van een zeer groot aantal gegevens. Je kunt denken aan grondgebruik per gemeente of provincie, aantal mensen per gemeente Voor de cracks: het is ook mogelijk tabellen te maken en die in je eigen GIS omgeving te gebruiken.

http://www.atlasvannederland.nl

Op deze verzamelsite (catalogus) zijn heel veel sites te vinden met geografische informatie. De site zelf is in het Nederlands en de meeste daar aangekondigde sites ook. Ook het geografisch gebied waar deze sites over gaan is Nederland of een gebied in Nederland. Vaak is het mogelijk hier informatie te halen voor actuele lessen.
Naar boven