GIS
In dit hoofdstuk staat wat nader beschreven wat onder een GIS kan
worden verstaan. Wat is een GIS en wat kan ik er mee is de
dubbelvraag die in dit hoofdstuk beantwoord wordt.
Wat is GIS?
Gebruiksmogelijkheden van GIS
Voor iedere doelgroep een eigen GIS
Wat is GIS?
Een GIS (Geografisch Informatie Systeem) is "een verzameling
werktuigen voor het verzamelen, opslaan en weergeven van
ruimtelijke gegevens van de wereld om ons heen"
(Burrough, 1986;6-7).
Uit de honderden definities van GIS heb ik deze gekozen omdat het
de meest omvattende is en eigenlijk toch heel duidelijk laat zien
waar het om gaat.
Echte GIS professionals moeten deze paragraaf verder overslaan
omdat ik een flink aantal nuances links laat liggen.
In de praktijk komt een GIS vaak neer op het volgende: een GIS is
een computerprogramma, dat je in staat stelt geografische
gegevens op een harde schijf op te slaan, deze gegevens weer op
te vragen, te analyseren op basis van verschillende
vraagstellingen, er vervolgens een kaart van te maken die
antwoord geeft op de gestelde vragen. In moderne GIS software
kunnen ook gegevens rechtstreeks van internet worden gebruikt, in
plaats van alleen van de harde schijf.
Het belangrijkste concept van GIS is het denken in lagen. De werkelijkheid /
realiteit wordt uit elkaar gehaald in lagen met punten, lijnen en vlakken. Welke
soort lagen je nodig hebt, hangt af van het doel.
De lagen worden in de computer gestopt en kunnen gecombineerd
worden bekeken. Ook kunnen gegevens aan de objecten worden
gehangen.
In de illustratie zou sprake kunnen zijn van een winkelier die
met behulp van straten (lijnen), gebouwen (vlakken) en een lijst
van zijn klanten (punten) gaat bekijken waar de meeste nieuwe
klanten zouden kunnen zitten. Hij zou kunnen kijken waar veel
gebouwen zijn en weinig klanten terwijl de verbindingen (straten)
goed zijn.
Een andere mogelijkheid is het bekijken van het bestedingspatroon.
Aan de hand van de klantenpassen kan de winkelier zien wie
hoeveel besteed heeft en waar die klant woont. Dit is een
voorbeeld van de gegevens die aan de objecten (hier klanten)
worden gehangen. Met een simpele GIS-bewerking is inzichtelijk te
maken welke buurt het meeste uitgeeft! De computer kijkt eerst
welke klanten in welke wijk horen, telt deze bij elkaar en
berekent het gemiddelde.
De verschillen met de traditionele atlas, en ook met de BOS-atlas
CD-Rom, zijn hier uit af te leiden.
Het eerste verschil is het kaartbeeld. Een atlas bestaat uit een
verzameling kaarten met ieder een eigen verhaal. Het gaat over de
topografie van Gelderland, de bevolking van Namibië, het
percentage islamieten per land of de gemiddelde hoeveelheid
neerslag in het Shara-gebied. Ook bij de CD-Rom kun je niet veel
meer dan een voorgedefinieerde kaart opvragen en wat lagen aan en
uit zetten. Een GIS kent in principe geen kant en klare kaarten.
Er is een verzameling kaartlagen ter beschikking. Daarmee kan de
gebruiker zijn eigen kaart samenstellen en het gebied kiezen
waarover hij iets wil weten.
Een tweede verschil wordt gevormd door de gegevens die "achter"
de kaart hangen. Bij een atlas zie je meteen alles. Bij een GIS-kaart
kun je meestal via klikken op de kaart meer informatie krijgen.
Je klikt op een land en krijgt het volkslied te horen. Je klikt
op een vlakje in een bestemmingsplan en ziet wat er gebouwd mag
worden. Ook kan het kaartbeeld worden gewijzigd op basis van de
gegevens. Eerst kleur je de gemeenten op basis van de landelijke
verkiezingen in 1998 en dan op basis van 2002. Zelfde kaartje,
andere gegevens. Men zegt wel eens: een plaatje zegt meer dan
duizend woorden....
![]() |
![]() |
![]() |
1998 |
2002 |
Een derde grote verschil, op de basisschool waarschijnlijk
niet belangrijk, is te vinden in het feit dat met een GIS verdere
bewerkingen uitgevoerd kunnen worden. Er kan worden geanalyseerd,
berekend etc.
Taken die met een goed GIS kunnen worden uitgevoerd zijn:
· Identificeren: Klik op een object in de kaart (wat is dat?) en
krijg er informatie over.
· Lokaliseren: Vraag: Waar is het treinstation? Antwoord: coördinaten,
het adres of een kaartje van het treinstation.
· Trends, veranderingen in de tijd: Vraag: Wat is er veranderd
sinds ... ? Antwoord: bijvoorbeeld een kaart zien met daarop de
ontwikkeling van een stadsgrens tussen 1950 en 2000.
· Optimale route uitstippelen: Vraag: Wat is de kortste /
goedkoopste route tussen A en B? Antwoord: kaart en/of
routebeschrijving.
· Correlatiepatronen herkennen: Vraag: Welke relatie is er
tussen ... en ... ? Antwoord: inzicht tussen twee verzamelingen
gegevens. Bijvoorbeeld de hoeveelheid lood in de bodem heeft te
maken met de aanwezigheid van een weg.
· Modellen maken: Vraag: Wat gebeurt er met een bepaalde
diersoort als ik dit bos zou kappen? Antwoord: informatie over
wat er met dit beestje zou gebeuren. Het zou zich bijvoorbeeld
kunnen verplaatsen naar een ander gebied, of in aantal afnemen.
(http://www.bn.fnt.hvu.nl/opleid/geodesie/geo-info/index.html)
Naar boven
Gebruiksmogelijkheden van GIS
In de eerste paragraaf heb ik kort proberen uiteen te zetten wat
een GIS is en wat de mogelijkheden zijn. Dit bleef redelijk
abstract. In deze paragraaf wil ik aantonen dat GIS systemen niet
meer uit onze samenleving zijn weg te denken.
Voor de overzichtelijkheid maak ik onderscheid in professionele
systemen en publiekssystemen. Dit onderscheid lijkt sterker dan
het in werkelijkheid is, maar daarover straks meer.
De professionele GIS systemen hebben als gebruikers mensen die echt weten hoe
het systeem in elkaar zit. Zij kennen de gegevens, kennen de mogelijkheden van
de programmatuur en zijn in staat hiermee hun vragen te beantwoorden. In deze
hoek vinden we bijvoorbeeld mensen van de Shell die berekeningen uitvoeren over
de hoeveelheden te winnen olie. En mensen bij de planologische afdeling van
een gemeente die met behulp van een GIS de keuze voor een nieuwe woningbouwlokatie
onderbouwen. En mensen die met behulp van een GIS de aansluitingen van telefoon,
televisie, riolering, waterleiding etc. beheren. En de mensen van de meteorologische
diensten die GIS systemen gebruiken bij hun modelberekeningen.
En zo zijn er nog honderden voorbeelden te verzinnen.
Deze toepassingen hebben met elkaar gemeen dat ze ingewikkeld en
specialistisch zijn. Voor dit werkstuk zijn ze minder van belang
omdat dit niet het soort GIS is waar de meeste mensen mee te
maken krijgen. Ik zal er hier dan ook niet verder op ingaan.
De publieksgerichte GIS systemen zijn bedoeld voor niet -professionele
gebruikers. Dat wil niet zeggen dat deze systemen niet bij de
hoofdtaak van iemands werk worden gebruikt. Het verschil met de
professionele systemen zit in de hoeveelheid kennis die vereist
is om er mee te werken. De ontwikkelingen op dit gebied gaan zo
snel, dat er voor steeds meer mensen GIS toepassingen beschikbaar
zijn. De meeste toepassingen die nu worden gebruikt zien er aan
de voorkant heel eenvoudig uit.
Enkele voorbeelden:
· routeplanner met GPS in de auto (je positie wordt bepaald met
behulp van satellieten in de ruimte en op basis van deze gegevens
krijg je een route)
· routeplanner op je PC/internet
· zoeken van een koopwoning op internet
· Gouden Gids met kaartjes op internet

De grens tussen professioneel en publieksgerichte systemen begint
steeds verder te verschuiven. De technologie wordt langzaam zo
goed en zo goed ingepakt, dat veel acties die voorheen aan
professionals waren voorbehouden, nu ook voor andere geïnteresseerden
binnen bereik komen. Zo zijn er bijvoorbeeld op bijna alle
gebieden van studie op hogescholen en universiteiten voorbeelden
van GIS gebruik:
· marketingonderzoek -> waar zijn concurrenten? Waar zijn de
klanten?
· biologie -> spreiding/ ontwikkeling van flora en fauna
· geschiedenis -> Scenario-analyses (Had veldmaarschalk
Rommel beter een andere weg kunnen nemen om te winnen van
Montgomery) en archeologisch onderzoek (op basis van een
combinatie van kaarten uit allerlei tijden, moderne
satttelietopnamen en een GIS kunnen hoopvolle locaties voor
opgravingen worden bepaald).
· taalwetenschappen -> verspreiding van taalkenmerken (talen,
dialecten)
Naar boven
Voor iedere doelgroep een eigen GIS
In de vorige paragraaf hebben we gezien dat de doelgroepen van
GIS-pakkettten inmiddels zeer sterk uiteen lopen. Ook in
technische zin heeft dit consequenties. De zeer ingewikkelde
pakketten voor de professional zijn niet bruikbaar voor minder
gespecialiseerde mensen. Daarom bestaat het aanbod bij de meeste
GIS leveranciers uit verschillende pakketten met verschillende
mogelijkheden. In paragraaf 7.2 kijk ik naar de consequenties
voor het onderwijs.
De eerste groep is het "echte" GIS. Dit zijn
softwarepakketten met een prijs van honderden tot duizenden
Euro's per licentie. Eigenlijk is het al onzinnig om deze
pakketten op een grote hoop te gooien. Het zeer geavanceerde maar
ook erg ingewikkelde ArcINFO en het bijna door iedereen met een
beetje doorzettingsvermogen te gebruiken ArcView zijn van
dezelfde leverancier en horen beide in deze groep thuis. De
mogelijkheden lopen echter zeer sterk uiteen. Bij deze groep in
te delen zijn o.a. ArcView en ArcINFO (ESRI), Mapinfo (Mapinfo),
Geomedia (PRO) (Intergraph) Smallworld en Idrisi (Clark Labs).
De tweede groep is de groep van de GIS-viewers. Over het algemeen
zijn deze pakketjes in staat om GIS-gegevens te lezen. Dat
betekent dat je kaarten kunt zien en de bijbehorende gegevens
kunt opvragen. Het aanmaken van nieuw materiaal is meestal niet
mogelijk. Een groot voordeel van deze viewers is dat ze veelal
gratis zijn. Het mooiste van de nieuwste generatie viewers is dat
ze gegevens rechtstreeks van internet kunnen laten zien.
Voorbeelden zijn ArcExplorer / ArcReader (ESRI) en MapInfo
ProViewer.
De derde groep is relatief nieuw en bestaat uit de "webbased
GIS software". Dit is weliswaar de nieuwste groep, maar wel
de belangrijkste met het oog op gebruik in de basisschool.
Webbased betekent hier dat gebruik is gemaakt van de technieken
van het internet. De software is ook bedoeld om via internet te
werken. Op een server computer van een aanbieder van gegevens
draait een programma dat vergelijkbaar is met een normaal GIS
pakket. Maar in plaats van het toetsenbord en de muis van degene
die achter die computer zit, krijgt het programma zijn opdrachten
van iemand die soms duizenden kilometers verderop zit, via
internet en een speciale website. Een veel toegepaste vorm
hiervan zijn de routeplanners.
In deze categorie vinden we onder andere MapGuide(Autodesk).
ArcIMS (ESRI), MapXtreme (MapInfo) en GeomediaWebMap (Intergraph).
Naar boven